Maatregelen van de overheid

(21-05-2020) Steunpakket voor zelfstandig ondernemers verlengd

De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) krijgt een vervolg. De noodregeling voor zelfstandig ondernemers die eind mei afloopt, wordt met drie maanden verlengd tot eind augustus. Tozo kent twee voorzieningen, aanvullende inkomensondersteuning en een lening voor bedrijfskapitaal. De regeling, die speciaal gemaakt is voor de coronacrisis, lijkt op de bijstand voor zelfstandigen (Bbz). Zo zijn de bedragen die worden gehanteerd gebaseerd op het sociaal minimum, het bedrag dat mensen nodig hebben voor levensonderhoud.

Als u nu gebruik maakt van Tozo uitkering levensonderhoud kunt u, als u aan de voorwaarden van de vervolgregeling voldoet uw Tozo-uitkering verlengen. Ook zelfstandigen die nog geen gebruik hebben gemaakt van Tozo kunnen ondersteuning aanvragen als zij aan de voorwaarden voldoen.

Tozo 2 kunt u vanaf 1 juni tot met 31 augustus aanvragen bij uw woongemeente. De startdatum van de aanvraagmogelijkheid kan per gemeente verschillen. U kunt met terugwerkende kracht aanvragen vanaf 1 juni. Voor verlengde aanvragen kunnen gemeenten een verkort aanvraagformulier gebruiken. Houd voor meer informatie de website van uw gemeente in de gaten.

Welke voorwaarden gelden voor ‘Tozo 2’

Net als de Tozo 1 kent de ‘Tozo 2’ versoepelde voorwaarden ten opzichte van de reguliere bijstandsverlening voor zelfstandigen, waarop de regeling gebaseerd is:

  • Er geldt geen vermogenstoets;
  • Er wordt niet gekeken naar de levensvatbaarheid van de onderneming;
  • De kostendelersnorm wordt niet toegepast.

Het verschil tussen Tozo 1 en Tozo 2 is dat voor Tozo 2 een partnerinkomenstoets geldt bij de uitkering levensonderhoud. Bij Tozo 1 is dat niet het geval.

De partnerinkomenstoets houdt in dat het inkomen van de partner meetelt voor het bepalen van de hoogte van de aanvullende uitkering. Bij de aanvraag verklaart u wat de hoogte van het inkomen van uzelf en uw eventuele partner is in de maanden waarvoor u de uitkering aanvraagt. Als het huishoudinkomen boven het sociaal minimum komt, kunt u geen aanspraak maken op Tozo 2 uitkering levensonderhoud.

De uitkering levensonderhoud Tozo 2 kan alleen worden toegekend over de maanden juni, juli en augustus. Heeft u al een Tozo 1 uitkering over de maanden april, mei en juni? Dan kunt u een Tozo 2 uitkering aanvragen voor juli en augustus. Als uw Tozo 1 uitkering nog tot en met juli loopt is een Tozo 2 uitkering mogelijk voor de maand augustus. Zoals gezegd geldt voor de Tozo 2 uitkering wel de partnerinkomenstoets.

Als u door de coronacrisis liquiditeitsproblemen heeft, kunt u ook in de vervolgregeling een lening aanvragen voor bedrijfskrediet. Hierbij geldt dat de lening een maximum kent, voor de Tozo 1 en de Tozo 2 gezamenlijk, van 10.157 euro. Als u surseance van betaling of faillissement heeft aangevraagd of verkregen kunt u geen beroep doen op een lening.

”Staatssecretaris Tamara van Ark: ‘Heel veel zelfstandig ondernemers hebben sinds het uitbreken van de coronacrisis een beroep gedaan op de Tozo. Zij zijn vaak acuut in de financiële problemen gekomen omdat het werk stilviel. De regeling ondersteunt hen als het inkomen onder een minimumniveau is gekomen en vergroot de kans om het bedrijf voort te zetten. Gemeenten hebben veel werk verzet om deze zelfstandigen in nood zo snel mogelijk te ondersteunen. Door de versoepeling van de coronamaatregelen kunnen naar verwachting meer zelfstandigen de komende periode weer opstarten. Voor andere ondernemers geldt dit nog niet. Daarom verlengt het kabinet nu de maatregelen voor zelfstandigen die niet kunnen terugvallen op andere inkomsten. Zo komt de ondersteuning terecht waar deze nodig is.’’

(21-05-2020) Wijziging in NOW-regeling bij noodpakket 1 en 2

Het kabinet wil de werkgelegenheid beschermen tijdens de coronacrisis. Daarom is de loontegemoetkomingsregeling NOW sinds maart onderdeel van het economisch noodpakket. Om zoveel mogelijk bedrijven snel te bereiken, is de regeling generiek. Niettemin probeert het kabinet waar het kan oplossingen te vinden voor bedrijven die tussen wal en schip dreigen te vallen, en drempels weg te nemen in de NOW zodat meer getroffen bedrijven bereikt kunnen worden. Met een wijziging van de huidige NOW-regeling en in de verlenging van de NOW-regeling tijdens de komende maanden, komen er onder meer wijzigingen voor seizoenbedrijven, bij bedrijfsovernames en voor bedrijven die in januari een loonsom van 0 euro hadden.

Seizoensbedrijven kennen een periodegebonden omzetpiek en hebben in maart vaak meer meer personeel in dienst dan in januari. Als gevolg daarvan kunnen zij soms onvoldoende gebruik maken van de NOW. Middels verschillende wijzigingen in de eerste en tweede NOW-regeling komt het kabinet hen tegemoet. In het tweede noodpakket wordt maart de referentiemaand voor de loonsom waar de NOW-subsidie op gebaseerd is. In de huidige, lopende regeling gaat de subsidie voor een werkgever omhoog wanneer hij in de maanden maart, april en mei een hogere loonsom had dan in januari. Bij de vaststelling van de subsidie wordt dit verrekend.

Werkgevers met een 0-loonsom in januari 2020, of geen loonsom in januari 2020 en november 2019, en die wel een loonsom in maart 2020 hebben, kunnen door de bovenstaande wijziging mogelijk alsnog in aanmerking komen voor de lopende regeling NOW 1.0.  Als zij vanwege deze reden eerder een afwijzende beschikking hebben ontvangen, zullen zij door het UWV worden benaderd.

Daarnaast wordt in de NOW-regeling van het tweede noodpakket de vaste (forfaitaire) opslag voor onder andere vakantiegeld, pensioenpremie en andere werkgeverslasten verhoogd van 30 naar 40 procent. Daarmee wordt vanuit de NOW ook een bijdrage geleverd aan andere kosten dan de loonkosten om werkgevers nog meer te ondersteunen werkgelegenheid te behouden.

De NOW is een subsidie. De overheid betracht bij de besteding van publiek geld zoveel mogelijk transparantie. De naam van een aanvrager, inclusief de verleende voorschotten en vastgestelde subsidie, kan openbaar gemaakt worden zonder dat daarvoor eerst een zienswijze gevraagd hoeft te worden. De minister heeft UWV verzocht deze informatie openbaar te maken. Vanaf eind juni wordt deze op de website van UWV gepubliceerd. Het gaat daarbij uitsluitend om de informatie waarvoor geen zienswijze gevraagd behoeft te worden.

Lees hier het gehele nieuwsbericht

(20-05-2020) Verruiming vrije ruimte werkkostenregeling 2020

Het kabinet heeft op 24 april 2020 zes nieuwe belastingmaatregelen getroffen om werkgevers meer financiële ruimte te geven. De maatregelen, die verband houden met de voortdurende coronacrisis, gaan zo spoedig mogelijk in. Eén van die maatregelen is het eenmalig verhogen van de vrije ruimte van de werkkostenregeling van 1,7% naar 3% voor de eerste € 400.000 fiscaal loon.
Met deze maatregel wordt de vrije ruimte in 2020 met maximaal € 5.200 verruimd.
In de toelichting bij de voorgenomen verruiming schrijft staatssecretaris Vijlbrief van Financiën dat de verruiming bedoeld is om werknemers in deze moeilijke tijd extra tegemoet te komen, bijvoorbeeld door hen een bloemetje of een cadeaubon te geven.

De extra verruiming kan ook worden gebruikt om thuiswerkfaciliteiten aan te brengen op de werkplek van de werknemer thuis.
Als het gaat over de thuiswerkplek, zijn er grofweg vier categorieën:

  1. Vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen van gereedschappen, computers, mobiele communicatiemiddelen en dergelijke apparatuur zijn gericht vrijgesteld, als deze voldoen aan het zogenoemde noodzakelijkheidscriterium. Van noodzakelijk gereedschap is sprake als de werkgever in redelijkheid kan oordelen dat het noodzakelijk is voor een behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. De werkgever betaalt de apparatuur zonder eigen bijdrage van de werknemer. De werknemer moet, als het niet langer wordt gebruikt voor het werk, de apparatuur teruggeven of de restwaarde vergoeden. Onder ‘dergelijke apparatuur’ vallen ook de internetverbinding thuis en printercartridges.
  2. Arbovoorzieningen in de werkruimte thuis zijn gericht vrijgesteld als die volgen uit de verplichtingen voor de werkgever vanuit de Arbowet. Belangrijke voorwaarden bij deze vrijstelling zijn dat de werkgever de voorzienig betaalt en geen eigen bijdrage van de werknemer vraagt en dat de inrichting van de thuiswerkplek is opgenomen in het arboplan van de werkgever. Onder Arbovoorzieningen kunnen vallen: een ergonomische bureaustoel en bureau en verlichting.
  3. Hulpmiddelen die uw werknemer ook buiten de werkplek, bijvoorbeeld op kantoor, kan gebruiken en die hij voor 90% of meer zakelijk gebruikt, zijn gericht vrijgesteld. Dit kan gelden voor computers, telefoons, iPads en gereedschappen die op zich niet noodzakelijk zijn, maar die wel voor tenminste 90% zakelijk gebruikt.
  4. Een vergoeding van kosten die de werknemer maakt om thuis te werken, denk aan extra elektriciteit, koffie, water, etc. zijn niet gericht vrijgesteld of op nihil gewaardeerd. Een dergelijke vergoeding vormt loon van de werknemer. Dit loon kan worden aangewezen voor de werkkostenregeling om zo ten laste te komen van de vrije ruimte. De verruiming van de vrije ruimte van de werkkostenregeling kan bijvoorbeeld hiervoor worden gebruikt.

(20-05-2020) Coronakredietverlening- en garanties aan ondernemers (BMKB, GO, KKC, COL)

De extra, verruimde of meer toegankelijke kredietverlening en -garanties aan kleine en middelgrote bedrijven, startups en scale-ups uit het eerste noodpakket lopen door. Zo houden of krijgen ook deze bedrijven toegang tot bijvoorbeeld financiering door banken. Het gaat om de coronamodules van de Borgstelling Midden- en Kleinbedrijf-regeling (BMKB) en de Garantie Ondernemingsfinanciering-regeling (GO), de nieuwe Klein Krediet Corona-garantieregeling (KKC) en het verhoogde budget van de SEED Capital-regeling.

De Corona Overbruggingslening (COL) die bijdraagt aan de verbetering van de liquiditeitspositie van innovatieve bedrijven (startups en scale-ups) krijgt vanwege het grote aantal ingediende aanvragen een tweede tranche van 150 miljoen euro.

Waar kunnen ondernemers terecht?

Ondernemers melden zich voor de kredietregelingen bij hun kredietverstrekker, bijvoorbeeld een bank. De regeling tegemoetkoming loonkosten (NOW) loopt via het UWV en ondersteuning zelfstandige ondernemers (TOZO) via de eigen gemeente. Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB wordt via RVO opengesteld. Voor belastingmaatregelen kunnen ondernemers terecht bij de Belastingdienst Zakelijk via Belastingdienst.nl/coronavirus.

(20-05-2020) Verlenging belastingmaatregelen

De periode waarin getroffen ondernemers belastinguitstel kunnen aanvragen, is verlengd tot 1 september 2020. Eventuele verzuimboetes voor het niet op tijd betalen, hoeven niet te worden voldaan. De belastingrente en invorderingsrente voor alle belastingmiddelen zijn tot 1 oktober 2020 verlaagd naar 0,01%. Ook andere belastingmaatregelen, zoals een versoepeling van het urencriterium voor zzp’ers en de betaalpauze voor hypotheekverplichtingen, worden tot 1 september 2020 verlengd.

Ondernemers krijgen bij de eerste aanvraag direct drie maanden uitstel van betaling. Voor die drie maanden hoeven ze maar één keer een verzoek in te dienen (voor uitstel van alle belastingsoorten). Ondernemers kunnen ook voor een langere periode dan drie maanden uitstel aanvragen. Daarbij is van belang dat zoveel mogelijk geld dan ook echt in de bedrijven blijft. Om dit extra te waarborgen, moeten ondernemers bij uitstel langer dan drie maanden verklaren dat ze geen dividenden en bonussen uitkeren, of eigen aandelen inkopen.

(20-05-2020) Voorwaarden aan verlengde overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO)

Het kabinet verlengt de versoepelde regeling om zelfstandig ondernemers waaronder zzp’ers te ondersteunen, zodat zij een vergrote kans hebben om hun bedrijf te kunnen voortzetten. Zelfstandigen kunnen bij hun gemeente aanvullende inkomensondersteuning krijgen voor levensonderhoud. Deze vult tot eind augustus 2020 het inkomen aan tot het sociaal minimum en hoeft niet te worden terugbetaald.

De verlengde regeling bevat een partnerinkomenstoets. Dit betekent dat alleen huishoudens met een inkomen onder het sociaal minimum aanspraak kunnen maken op een tegemoetkoming in het levensonderhoud. Op deze manier wordt de ondersteuning voor levensonderhoud gericht op het garanderen van het sociaal minimum op huishoudniveau.

Ondersteuning blijft ook mogelijk in de vorm van een lening (maximaal €10.157) voor bedrijfskapitaal, tegen een verlaagd rentepercentage. Zelfstandig ondernemers wordt in de verlengde regeling gevraagd om te verklaren dat er bij hun bedrijf geen sprake is van surseance van betaling of dat het bedrijf in een staat van faillissement verkeert.

Voor ontslagen flexwerkers die niet voldoen aan de voorwaarden voor WW of bijstand werkt het kabinet op verzoek van de Tweede Kamer aan een tijdelijke en uitvoerbare oplossing. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zal de Tweede Kamer vandaag hierover apart informeren.

(20-05-2020) TOGS wordt vervangen door TVL

De bestaande regeling Tegemoetkoming ondernemers Getroffen Sectoren wordt vervangen door de Tegemoetkoming Vaste Lasten mkb (TVL). Een bedrijf krijgt maximaal € 20.000 per drie maanden.

De TVL helpt mkb-bedrijven (met maximaal 250 werknemers) bij het betalen van een deel van hun vaste lasten. De tegemoetkoming is voor bedrijven die meer dan 30 procent van hun omzet hebben verloren door de coronacrisis. De tegemoetkoming wordt gebaseerd op het totale omzetverlies. Een deel daarvan bestaat uit vaste lasten, en een deel daarvan wordt gecompenseerd. De exacte berekening wordt nog uitgewerkt. Een bedrijf krijgt maximaal € 20.000 voor drie maanden.

Ondernemers die voor de TOGS-regeling in aanmerking kwamen, kunnen ook gebruik maken van de TVL. Deze sectoren staan op de lijst met vastgestelde SBI-codes. De horeca, recreatie, strandtenten, sportscholen, evenementen, kermissen, sauna’s, wellness centra, podia en theaters vallen hier ook onder. De regeling wordt de komende weken verder uitgewerkt.

Aanvragen kan vanaf medio juni 2020 bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De exacte datum wordt nog bekendgemaakt. De regeling geldt voor de periode vanaf 1 juni tot en met 31 augustus 2020.

Het gaat om vaste kosten die steeds doorlopen, zoals huur, pacht, onderhoud, verzekeringen, leasecontracten en abonnementen. Loonkosten horen hier niet bij. Die worden gecompenseerd door de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW).

De TOGS-regeling (vergoeding van 4.000 euro) loopt nog tot en met 15 juni 2020. Ondernemers kunnen nog tot 26 juni 2020 een aanvraag indienen.

(20-05-2020) De NOW2 op hoofdlijnen

Noodpakket 2.0 bevat op verschillende punten wijzigingen ten opzichte van het eerste noodpakket. Onderstaande informatie is gebaseerd op de brief die de betrokken ministers op woensdag 20 mei 2020 naar de Tweede Kamer zonden. We belichten met name de wijzigingen. Hier vindt u de reactie van AWVN op de  NOW 2. 

NOW 2 met nieuwe voorwaarden
Belangrijk onderdeel van het steunpakket is een tweede versie van de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW). Hiervoor wordt 9,6 miljard euro beschikbaar gesteld. De eerste tranche van de NOW zal ook nog op onderdelen worden aangepast. Ook daarover stuurde minister Koolmees op 20 mei een brief naar de Tweede Kamer.

Aanvraagtijdvak, periode omzetdaling en referentiemaand
Gestreefd wordt naar openstelling van het tweede aanvraagtijdvak per 6 juli 2020, waarbij een tegemoetkoming voor de loonkosten over de periode juni, juli en augustus kan worden aangevraagd.
De omzetdaling wordt vastgesteld over een driemaandsperiode die start op 1 juni, 1 juli of 1 augustus, waarbij voor aanvragers die voor de tweede keer een beroep doen op de NOW de omzetperiode moet aansluiten op de periode gekozen in het eerste tijdvak. De referentiemaand voor de loonsom wijzigt van januari naar maart (peildatum 15 mei) van dit jaar. Het tweede tijdvak volgt verder de systematiek van het eerste tijdvak, dat wil zeggen dat werkgevers die ten minste 20% omzetverlies verwachten, een aanvraag kunnen indienen bij het UWV.
Subsidieaanvragen staan open voor zowel werkgevers die reeds een aanvraag in het eerste tijdvak hebben gedaan, als voor werkgevers die voor het eerst een beroep gaan doen op de NOW.
Voor zowel de NOW 1 als de NOW 2 geldt dat subsidies die ondernemers in het kader van de coronacrisis ontvangen als omzet meetellen. Dit geldt ook voor de nieuwe regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten.

Lees hier verder

(20-05-20) Verlenging en aanpassing regeling tegemoetkoming loonkosten (NOW)

Een ondernemer die minstens 20% omzetverlies verwacht, kan vanaf 6 juli 2020 een tegemoetkoming in de loonkosten aanvragen bij UWV voor juni, juli en augustus. Hierdoor kunnen bedrijven hun personeel doorbetalen. De verlengde NOW-regeling hanteert dezelfde systematiek van tegemoetkoming, maar de nieuwe regeling bevat ook wijzigingen.

De vaste (forfaitaire) opslag wordt verhoogd van 30 naar 40 procent. Daarmee levert de NOW ook een bijdrage aan andere kosten dan de loonkosten. De referentiemaand voor de loonsom wordt maart 2020. Daarnaast wordt in de al lopende NOW-regeling maart ook als uitgangspunt genomen als de loonsom in de maanden maart-mei hoger is dan in januari-maart. Dit is van belang voor seizoensgebonden bedrijven. Verder mag een bedrijf dat gebruik maakt van de NOW over dit jaar geen winstuitkering aan aandeelhouders doen, geen bonussen aan het bestuur en de directie uitkeren en geen eigen aandelen inkopen.

In de NOW 2.0 blijft de correctie op de subsidie bij ontslag bestaan, maar de subsidie wordt niet meer extra verlaagd bij bedrijfseconomisch ontslag. Bedrijven verklaren bij de nieuwe NOW-aanvraag wel dat zij overleggen met vakbonden als zij voor meer dan 20 medewerkers bedrijfseconomisch ontslag willen aanvragen. Dit sluit aan bij de regelgeving rondom collectief ontslag. Ook blijft de wettelijke bescherming bij ontslag gewoon van kracht.

Werkgevers die de NOW aanvragen, worden verplicht om hun werknemers te stimuleren om aan bij- en omscholing te gaan doen. Werkgevers leggen hier bij aanvraag van de NOW 2.0 een verklaring over af. Ter ondersteuning van initiatieven van sociale partners trekt het kabinet daarvoor 50 miljoen euro uit via het crisisprogramma NL leert door waarmee mensen vanaf juli kosteloos online scholing en ontwikkeladviezen kunnen volgen om zich aan te passen aan de nieuwe economische situatie.

(20-05-2020) Reparatie van NOW1

De NOW-regeling wordt op een aantal punten – overgang van onderneming, loonsombepaling, accountantsverklaring – met terugwerkende kracht gerepareerd. Ook wordt de datum waarop een aanvraag ingediend kan worden voor het vaststellen van de NOW-subsidie (dus niet het voorschot) verschoven van 1 juni naar 7 september. Vanaf dat moment heeft de werkgever 24 weken de tijd om de aanvraag te doen.

Bedrijven die in 2019 of begin 2020 een ander bedrijf hebben overgenomen, vielen soms tussen wal en schip bij het aanvragen van de NOW. Dit kwam doordat de vergelijking tussen de omzet en de loonsom over de afgelopen maanden en vorig jaar (toen het bedrijf nog kleiner was) niet representatief was. Dit wordt nu gerepareerd door de driemaandsperiode in 2020 niet meer te vergelijken met 25 procent van de jaaromzet in 2019, maar ook de mogelijkheid te bieden om de omzet te nemen vanaf het moment van de overgang in 2019 tot uiterlijk 1 februari 2020, omgerekend naar drie maanden. Dit is vergelijkbaar met de regel zoals die al was voor ondernemers die net waren gestart in 2019 of in januari 2020. Voor hen geldt dat de omzet in de driemaandsperiode in 2020 wordt vergeleken met de maanden vanaf het begin van de bedrijfsuitvoering in 2019 tot en met februari 2020 omgerekend naar drie maanden.

Ook voor ondernemingen die tijdens de winter veel minder personeel in dienst hebben geldt met terugwerkende kracht een alternatieve rekenmethode. Die houdt in dat de loonsom van maart tot en met mei gebruikt kan worden voor de aanvraag mits die driemaal hoger is dan drie maal de loonsom in januari. De loonsommen van april en mei worden gemaximeerd op het niveau van maart. Op die manier wordt beter rekening gehouden met het omzetverlies in de normaal gesproken drukke maanden en komen seizoensbedrijven alsnog in aanmerking voor de NOW-subsidie.

De aanpassing werkt als volgt: indien de loonsom van maart tot en met mei hoger is dan de loonsom van driemaal januari wordt de loonsom van maart tot en met mei als uitgangspunt genomen voor de berekening van de subsidiehoogte bij vaststelling. De loonsommen van april en mei worden vervolgens gemaximeerd op de loonsom van maart (peildatum 15 mei). Hiermee gaat het totale subsidiebedrag voor de werkgever omhoog. De aanpassing leidt enkel tot aanvullende compensatie bij subsidievaststelling, de bevoorschottingssystematiek van de NOW wordt niet aangepast. De aanvullende tegemoetkoming zal na afloop van de subsidieperiode, maar niet eerder dan september, tot een uitbetaling leiden.

De nieuwe rekenmethode geldt automatisch voor alle werkgevers met een hogere gemiddelde loonsom in de periode maart tot en met mei dan tijdens de maand januari (inclusief maximering). Dit is karakteristiek voor een seizoensbedrijf, zoals een strandtent met meer vast personeel in de vroege lente dan in de winter. Deze oplossing helpt overigens ook andere bedrijven en organisaties die een hogere loonsom hebben in de maanden maart, april en mei dan in januari.

In de NOW wordt de subsidie gebaseerd op een loonsom met januari als referentiemaand en de loonsom van maart tot en met mei. De achterliggende gedachte hierbij is dat werkgevers zo worden gestimuleerd om de werkgelegenheid te behouden op (minimaal) het niveau voorafgaand aan de Coronacrisis. De loonsom van de maand januari 2020 biedt hiervoor het meest betrouwbare beeld.

Echter: wanneer de werkgever in januari een dertiende maand heeft uitgekeerd, vertekent dat. Immers, het niveau van de loonsom is hoger dan de werkgelegenheid die daar tegenover staat. De verplichting om de loonsom voor maart tot en met mei op hetzelfde niveau te houden als januari pakt dan nadelig uit. UWV zal daarom bij de vaststelling van de subsidie (dus achteraf) een eventuele dertiende maand of andere extra periodieke salarissen nu uit de loonsommen ‘filteren’. Hiermee wordt voorkomen dat werkgevers enkel vanwege de betaling van een dertiende maand in januari de NOW-subsidie moeten terugbetalen.

Voor vaststellingen onder de 125.000 euro zal geen accountantsverklaring gevraagd worden. Om werkgevers daar nu al helderheid over te geven wordt nu bepaald dat bedrijven die een voorschot hebben ontvangen van 100.000 euro (= 80 procent van de vaststelling) of hoger een accountantsverklaring zullen moeten overleggen.

Daarnaast zal bij het verzoek om vaststelling van een subsidie met een voorschot tussen de 20.000 euro en 100.000 euro een verklaring van derde afgelegd moeten worden. Dit kan bijvoorbeeld gaan om een administratiekantoor, financieel dienstverlener of brancheorganisatie. Deze derde zal dan de omzetdaling moeten bevestigen.

(20-05-2020) Corona-aanpak: de volgende stap

Zolang het coronavirus onder controle blijft, komt er stap voor stap meer ruimte. Per 1 juni kunnen we in Nederland opnieuw enkele maatregelen versoepelen: ‘alleen’ wordt weer iets meer ‘samen’.

Voor iedereen blijft gelden:

  • Was vaak uw handen.
  • Hoest en nies in de binnenkant van uw elleboog.
  • Gebruik papieren zakdoekjes om uw neus te snuiten en gooi deze daarna weg.
  • Schud geen handen.
  • Houd 1,5 meter afstand (2 armlengtes) van anderen.
  • 70-plussers of mensen met een kwetsbare gezondheid zijn extra voorzichtig.
  • Werk zoveel mogelijk thuis.
  • Blijf thuis bij verkoudheidsklachten.
  • Vermijd drukte (ga weg als u geen 1,5 meter afstand tot anderen kunt houden).

De aanpassing van de maatregelen per 1 juni:

Groepen

  • Buiten mogen mensen bij elkaar komen als zij 1,5 meter afstand tot elkaar bewaren.
  • In alle gebouwen die publiek toegankelijk zijn, mogen maximaal 30 mensen bij elkaar komen, exclusief personeel. Wel hanteren we ook hier de 1,5 meter afstand tot elkaar.
  • Thuis blijft het dringende advies om voor bezoekers 1,5 meter afstand aan te houden, zowel binnen als in de tuin en op het balkon.

Horeca – vanaf 12.00 uur

Restaurants en cafés mogen open, onder voorwaarden:

  • een maximum van 30 gasten (dus exclusief personeel);
  • bezoekers moeten reserveren;
  • iedereen houdt 1,5 meter afstand (behalve mensen uit hetzelfde huishouden);
  • in een checkgesprek vooraf tussen ondernemer en klant wordt ingeschat of een bezoek risico’s oplevert.

Op terrassen geldt geen maximum aantal personen. Wel moet iedereen aan een tafel zitten en 1,5 meter afstand tot elkaar houden (behalve mensen uit hetzelfde huishouden).

Onderwijs

Voortgezet onderwijs gaat op 2 juni open. Scholen nemen maatregelen zodat 1,5 meter afstand kan worden gehouden. Dat betekent in de praktijk dat niet alle leerlingen tegelijk op school kunnen zijn. Voortgezet speciaal onderwijs gaat ook op 2 juni open voor alle leerlingen. Ook hier nemen scholen maatregelen zodat 1,5 meter afstand kan worden gehouden. Dit vergt maatwerk en zal in dit type onderwijs niet altijd mogelijk zijn. Op 8 juni gaat het basisonderwijs weer voor 100% open, tenzij uit lopende onderzoeken blijkt dat dit niet verantwoord is.

De buitenschoolse opvang volgt het onderwijs en zal ook per 8 juni weer open gaan. Kinderen worden dan weer opgevangen op hun vaste dagen die zijn afgesproken in het contract. Vanaf 8 juni is de noodopvang alleen nog beschikbaar (tot 1 juli) voor leerlingen van ouders die werken in de zorg (avond/nacht/weekend). Hierover worden afspraken gemaakt met kinderopvang en gemeenten.

Op 15 juni gaan het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs (hbo en universiteiten) weer beperkt starten met toetsing, tentamens, praktijklessen en begeleiding van kwetsbare studenten op de instelling.

Culturele instellingen – vanaf 12.00 uur

  • Film-, theater- en concertzalen mogen open onder voorwaarden:
    • een maximum van 30 mensen in het publiek;
    • bezoekers moeten vooraf reserveren;
    • een checkgesprek vooraf om te bepalen of een bezoek risico’s oplevert;
    • iedereen houdt 1,5 meter afstand tot elkaar.
  • Musea en monumenten mogen open als bezoekers vooraf kaartjes kopen en een checkgesprek voeren. Het maximale aantal bezoekers is gebouwafhankelijk. Er moet 1,5 meter afstand worden gehouden.
  • Muziekscholen en centra voor de kunsten kunnen open. Er geldt een maximumaantal van 30 personen per gebouw, die 1,5 meter afstand moeten houden.
  • Festivals zijn toegestaan als ze voorstellingen presenteren voor maximaal 30 bezoekers die 1,5 meter afstand houden.

Openbaar vervoer

  • Het openbaar vervoer is alleen bedoeld voor noodzakelijke reizen.
  • In tram, (water)bus, metro en trein is met ingang van 1 juni voor reizigers van 13 jaar en ouder het dragen van een niet-medisch mondkapje verplicht. Dit geldt niet voor stations, haltes en perrons; daar is een mondkapje niet verplicht. Iedereen houdt hier 1,5 meter afstand tot anderen.
  • Reizigers die na 1 juni geen mondkapje dragen, kunnen een boete van € 95 krijgen.

Verpleeghuizen

Op één locatie per GGD-regio wordt bezoek aan verpleeghuizen beperkt en onder strenge voorwaarden toegelaten. Vanaf 25 mei zal dit worden uitgebreid naar meer locaties. Het perspectief is dat vanaf 15 juni de bezoekregeling landelijk wordt aangepast.

Stap voor stap

De Nederlandse corona‐aanpak is erop gericht het virus maximaal onder controle te houden, de zorg niet te overbelasten en kwetsbare mensen in de samenleving te beschermen. Inmiddels zijn er door de naleving van de maatregelen goede resultaten bereikt; de cijfers laten een positieve ontwikkeling zien en dus komt er stap voor stap meer ruimte.

Het kabinet begint met het aanpassen van maatregelen in de buurt, lokaal. Dat geeft weinig drukte op straat, in het verkeer en in het openbaar vervoer. Dan volgen aanpassingen op regionaal niveau, dan op landelijk niveau. Het toestaan van groepen gaat van klein naar groot om alles zo beheersbaar en georganiseerd mogelijk te laten verlopen.

Het versoepelen van maatregelen kan alleen als het virus onder controle blijft. Het moet dan ook behoedzaam gebeuren. Als het echt nodig is, dan kan en moet een besluit om meer ruimte te geven weer worden teruggedraaid.

Klik hier voor de pdf met de nieuwe maatregelen stap voor stap.

(14-05-2020) EKZ maakt coaching voor MKB in problemen gratis

Ondernemers kunnen dit jaar gratis professionele coaching krijgen wanneer ze in zwaar weer zitten, bijvoorbeeld wanneer ze door de coronacrisis failliet dreigen te gaan. Ondernemers kunnen hiervoor traditioneel terecht bij Stichting Ondernemersklankbord (OKB), dat mede door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) gefinancierd wordt. Eerder betaalden ondernemers hier een eigen bijdrage van 150 euro voor. Om dit bedrag naar 0 te krijgen verhoogt EZK de subsidie aan het OKB voor dit jaar met 240.000 euro.

Staatssecretaris Mona Keijzer (EZK): ‘De coronacrisis trekt een ongelooflijk zware wissel op ondernemers. Naast de financiële steun die het kabinet biedt via het Noodpakket voor banen en economie, zoeken we ook steeds naar andere manieren om ondernemers bij te staan. Daarom hebben we besloten de hulp van het Ondernemersklankbord aan het mkb gratis te maken. Op die manier hopen we dat onze ondernemers geen drempel voelen om aan te kloppen als ze steun kunnen gebruiken van deze ervaren club van oud-ondernemers.’

Stichting Ondernemersklankbord (OKB) is een organisatie die al 40 jaar bestaat en werkt met zo’n 300 vrijwilligers, veelal oud-ondernemers, om mkb-ondernemers met coaching bij te staan. Dat gebeurt meestal door middel van trajecten van 6 maanden, waarin ondernemers onbeperkt beroep kunnen doen op de expertise van het OKB. In deze coronatijd vormt het OKB in het verlengde van de Kamer van Koophandel (KVK) als het ware de tweedelijnszorg voor ondernemers: de KVK is het eerste loket voor informatie en advies; het OKB voor (verdere) coaching en advies.

Door deze aanpak worden jaarlijks circa 2500 ondernemers geholpen door het OKB, waarvan ruim 1000 in zwaar weer verkeert. Naar schatting weet ongeveer de helft van de betreffende ondernemers in nood hun onderneming te herstellen.

Ondernemers kunnen terecht op https://www.ondernemersklankbord.nl/

(13-05-2020) Omzetdaling bepalen als je deel bent van een concern

De tijdelijke noodmaatregel overbrugging behoud werkgelegenheid (NOW) moet ervoor zorgen dat werkgevers hun werknemers tijdens de coronacrisis zoveel mogelijk in dienst kunnen houden. De subsidie biedt een tegemoetkoming in de betaling van de loonkosten. Een werkgever heeft recht op de subsidie als er sprake is van ten minste 20% omzetdaling. Maar hoe bepaal je de omzetdaling als je deel uitmaakt van een groter (buitenlands) concern? AWVN zocht het uit.

De NOW-subsidie wordt in beginsel gebaseerd op de loonsom van januari 2020 en bedraagt per maand maximaal 90% van de loonsom over januari 2020. De subsidie wordt daarbij gerelateerd aan het percentage van de omzetdaling. Voor bepaling van de omzetdaling wordt in principe uitgegaan van de omzetdaling van de natuurlijke of rechtspersoon. Als de rechtspersoon of vennootschap onderdeel is van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, wordt uitgegaan van de omzetdaling van de groep zoals deze op 1 maart 2020 bestond.

Door de Stichting van de Arbeid en de Tweede Kamer (motie-Palland) is gevraagd om een versoepeling op dit punt, omdat bij omzetvaststelling op concernniveau het doel van de regeling, behoud van werkgelegenheid, niet altijd zal kunnen worden gerealiseerd. Bijvoorbeeld omdat personeel van de horecatak van een concern wordt ontslagen, omdat het concern als geheel niet aan de voorwaarde van 20% omzetdaling voldoet.

Minister Koolmees heeft besloten de NOW op dit punt aan te passen. Door de wijziging kunnen ook werkmaatschappijen onder voorwaarden een beroep op de NOW doen als ze onderdeel zijn van een concern dat weinig omzetverlies heeft of zelfs winst draait. Als er sprake is van minder omzetdaling dan 20% voor het concern kan een individuele werkmaatschappij op basis de eigen omzetdaling subsidie voor de loonkosten aanvragen.

Als de rechtspersoon een dochtermaatschappij is van een ander als bedoeld in artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, worden de dochtermaatschappij en de rechtspersoon voor de werking van de NOW-regeling behandeld als waren zij een groep. Dat laatste ziet op moeder- en dochtermaatschappijen die volgens artikel 24b Boek 2 BW geen groep zijn, omdat ze niet organisatorisch zijn verbonden, maar alleen tot elkaar in verhouding staan als moeder en dochter. De Nederlandse rechtspersonen en vennootschappen worden meegenomen, en ook de buitenlandse rechtspersonen en vennootschappen met loon in Nederland.

Met betrekking tot de omzetdaling van een groep (artikel 2:24b, BW) of de moeder-dochtermaatschappij geldt het volgende: niet-Nederlandse rechtspersonen of natuurlijke personen zonder in Nederland verzekerd SV-loon, worden niet in aanmerking genomen voor de berekening van de omzetdaling van de Nederlandse en niet-Nederlandse onderdelen met in Nederland verzekerd SV-loon van de groep. De band met het behoud van werkgelegenheid in Nederland is dermate klein dat het in de ogen van minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid niet gerechtvaardigd is om de omzetdaling tevens over deze groepsonderdelen te berekenen.

Aanvrager subsidie: werkgever
Één rechtspersoon (of natuurlijke persoon)
De werkgever is degene die subsidie aanvraagt. De meeste werkgevers hebben een onderneming die uit één rechtspersoon (of natuurlijke persoon) bestaat, met daaraan gekoppeld één loonheffingennummer voor de loonaangifte bij de Belastingdienst. Voor hen is het aanvraagproces het eenvoudigst. Zij bepalen de verwachte omzetdaling voor hun hele onderneming en dienen één aanvraag in. Het voorschot wordt dan uitgekeerd op basis van de loonsom van de onderneming, net als uiteindelijk de definitieve afrekening.

De werkgever kan eenmaal per loonheffingennummer een subsidieaanvraag indienen. Als de werkgever onderdeel is van een groep of als de werkgever meerdere loonheffingennummers heeft, dan wordt hetzelfde percentage, en ook eenzelfde periode voor de verwachte omzetdaling, voor alle rechtspersonen en vennootschappen binnen de groep respectievelijk de loonheffingennummers gehanteerd.

Groep of meerdere loonheffingnummers
Sommige werkgevers hebben meerdere loonheffingennummers (hun eerste loonheffingennummer eindigt dan meestal op L01, het tweede op L02, enzovoort). Deze werkgever zal meerdere aanvragen moeten indienen als hij voor zijn hele loonsom subsidie wil aanvragen, namelijk per loonheffingennummer. De subsidiabele loonsom zal dus vastgesteld worden per loonheffingennummer. De werkgever moet wel de omzetdaling opgeven die hij verwacht voor de gehele onderneming. Hij vult dus bij elke aanvraag dezelfde omzetdaling en dezelfde referentieperiode in. Als er sprake is van een grotere samenstelling van rechtspersonen of natuurlijke personen, zoals een concern, is de omzetdaling van de gehele groep de basis van de subsidie. Voor alle loonheffingennummers die horen bij rechtspersonen of natuurlijke personen die onder de groep vallen, wordt dezelfde omzetdaling opgegeven. Ook hierbij geldt dat de individuele werkgevers de subsidie formeel aanvragen.

Omzetdaling concern minder dan 20%
Op grond van de aanpassing van de regeling geldt dat ook werkmaatschappijen op basis van hun eigen omzetdaling een beroep op de NOW kunnen doen als ze onderdeel zijn van een concern dat weinig omzetverlies heeft of zelfs winst draait. Dit is alleen het geval wanneer een concern anders niet in aanmerking zou komen voor de subsidie omdat er geen sprake is van een omzetdaling van meer dan 20%. De werkmaatschappij moet een eigen rechtspersoonlijkheid hebben. Onderdelen van rechtspersonen, zoals een autonoom aan het economisch verkeer deelnemende onderdeel, vestiging of een business unit komen niet in aanmerking.

Hiervoor gelden de volgende voorwaarden.
1. De subsidieaanvraag is gedaan na het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging (5 mei 2020). Aanvragen ingediend voor de inwerkingtreding van de wijziging komen hiervoor niet in aanmerking.
2. Een werkmaatschappij met 20 of meer werknemers sluit voorafgaand aan de subsidieaanvraag met de belanghebbende verenigingen van werknemers, en bij gebreke daarvan een andere vertegenwoordiging van werknemers, een akkoord heeft over werkbehoud. Hierbij wordt aangesloten bij de ‘belanghebbende verenigingen van werknemers’ in de zin van de Wet melding collectief ontslag (WMCO). Dit zullen veelal de vakbonden zijn met wie de cao gesloten is op bedrijfs- dan wel sectorniveau. Bij werkmaatschappijen met minder dan 20 werknemers volstaat akkoord van een vertegenwoordiging van werknemers.
NB: Niet is geregeld wat er gebeurt als vakbonden niet (tijdig) reageren op een uitnodiging hiertoe, of geen overeenkomst willen tekenen.

3. Concerns waarvan de werkmaatschappij een beroep doet op de regeling, moeten verklaren over 2020 geen dividend of bonussen uit te keren of eigen aandelen terug te kopen tot aan en inclusief de datum van de aandeelhoudersvergadering waarin de jaarrekening wordt vastgesteld in 2021. Deze verklaring moet in de administratie worden bewaard. Toekenning van bonussen aan overige personeelsleden zijn wel toegestaan.
NB: Niet is geregeld wat geldt als het boekjaar niet gelijk is aan het kalenderjaar.
4. De werkmaatschappij heeft geen bedrijfsmatige activiteiten die voor meer dan de helft bestaan uit het binnen de groep ter beschikking stellen van arbeidskrachten, en is geen personeels-bv. De omzetdaling op concernniveau is altijd bepalend wanneer er wel sprake is van een personeels-bv.
5. De andere werkmaatschappijen binnen een groep mogen geen opdrachten of projecten uitvoeren die ten koste kunnen gaan van de subsidie vragende werkmaatschappij. Hiermee wordt voorkomen dat de omzet van de rechtspersoon waarvoor subsidie wordt aangevraagd, kunstmatig laag wordt gehouden.

6. De omzetdaling van het concern in totaal moet minder dan 20% bedragen in de gekozen periode waarover de omzetdaling wordt berekend.

Controlewaarborgen
Over vrijwel alle gestelde  voorwaarden moet bij het verzoek tot de definitieve vaststelling van de subsidie door een accountant worden gerapporteerd. In de nog op te stellen standaarden van accountants wordt nog uitgewerkt hoe de controle van de accountant hierop plaatsvindt. Accountants zullen over deze en de eerdere voorwaarden onderzoek doen naar de toepassing van deze voorwaarden door de werkmaatschappij en dit dus ook meenemen in de controle. Andere werkmaatschappijen mogen geen opdrachten of projecten uitvoeren die de subsidie vragende werkmaatschappij normaal gesproken zou uitvoeren.

– Bij uitlening van werknemers wordt de omzetdaling gecorrigeerd
Als werknemers van de werkmaatschappij in het subsidie-tijdvak activiteiten ondernemen bij een ander entiteit binnen het concern, dan dient bij de vaststelling van de subsidie de omzetderving van de werkmaatschappij te worden verlaagd met de daaruit voortvloeiende (theoretische) omzet.

– Het transferpricing systeem mag niet worden aangepast
Het transferpricing systeem zoals gehanteerd in de jaarrekening 2019 of de laatst vastgestelde jaarrekening is leidend voor de meetperiode 2020 en mag niet worden aangepast. Dit voorkomt ten dele dat met omzet geschoven wordt door extra verhoging of verlaging van interne doorbelastingen.

– Mutatie voorraden gereed product worden aan de omzet van de werkmaatschappij toegerekend
Dit beperkt het risico van schuiven met voorraden

(06-05-2020) TOZO uitgebreid voor zelfstandigen in het buitenland

Woon je als zelfstandige in een EU-land (inclusief het VK), EER-land (Liechtenstein, Noorwegen, IJsland) of Zwitserland en ben je verzekerd voor de Nederlandse volksverzekeringen, dan kun je onder de Tozo-regeling aanspraak maken op een lening voor bedrijfskapitaal. Voor levensonderhoud ben je als zelfstandige wel aangewezen op de sociale bijstand in het woonland. Een aanvraag kan vanaf 18 mei 2020 worden ingediend bij de gemeente Maastricht. Lees meer

(04-05-2020) Corona & werk en inkomen: NOW en TOZO

Hoe zorgen we ervoor dat werkgevers die met een grote terugval in omzet worden geconfronteerd door de coronacrisis nog in staat zijn om de lonen van hun werknemers door te betalen en op die manier de werkgelegenheid en het inkomen van mensen in stand houden? En hoe zorgen we ervoor dat zelfstandigen zonder personeel die hun opdrachten zien verdampen ook iets hebben om op terug te vallen? Daarvoor roept het kabinet twee nieuwe regelingen in het leven: de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW) en de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO). Lees hier het gehele artikel

(04-05-2020) Aanpassing NOW is goed nieuws voor bedrijven met meerdere onderdelen

VNO-NCW en MKB-Nederland zijn content met de aanpassingen aan de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW) die minister Koolmees en staatssecretaris Van Ark vrijdag in een Kamerbrief hebben voorgesteld. De belangrijkste wijziging is dat werkmaatschappijen van een concern nu ook op grond van hun eigen omzetdaling een beroep kunnen doen op de NOW als het concern minder dan 20 procent omzetdaling heeft. ‘Dit zal echt een groot effect hebben op baanbehoud in veel bedrijven.’

Deze tweede wijziging van de NOW wordt nog deze week na plaatsing in de Staatscourant van kracht. Hier zijn overigens wel voorwaarden aan verbonden. Bij een aantal van deze voorwaarden zijn nog wel kanttekeningen te plaatsen, aldus de ondernemingsorganisaties. Dan gaat het bijvoorbeeld over de openbaarmaking van de naam en het adres van werkgever, het verstrekte voorschot en de vastgestelde subsidie.

Uit de Kamerbrief blijkt dat tot en met 30 april er ongeveer 114.000 aanvragen voor de NOW zijn ingediend, waarvan er ongeveer 104.000 zijn goedgekeurd. Er is voor 1,9 miljard euro aan voorschotten verstrekt. Volgens het UWV worden met de uitkeringen omstreeks 1,7 miljoen werknemers bereikt. De verwachting is dat dit bedrag en het aantal werknemers de komende tijd nog zal stijgen, onder andere vanwege de huidige aanpassing van de concernbepaling in de NOW.

(30-04-2020) Corona & Uitstel van belastingen

Op fiscaal gebied worden continu nieuwe maatregelen genomen om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. Het dossier Corona & belastingen is daarom aangevuld met de nieuwste informatie over onder meer de fiscale coronareserve, de versoepeling van het urencriterium, de versoepeling van het gebruikelijk loon, het uitstel van de maatregel tegen excessief lenen, en de werkkostenregeling.

Om de economische impact van het coronavirus voor ondernemers te verzachten voert de Belastingdienst de komende periode een ruimhartig fiscaal uitstelbeleid. Iedere ondernemer die door de coronacrisis in financiële problemen is gekomen, komt in aanmerking voor uitstel van betaling van zijn belastingschuld. U kunt hiervoor een verzoek indienen nadat u een aanslag heeft ontvangen.

U kunt uitstel van betaling aanvragen voor aanslagen loonbelasting, omzetbelasting, inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, kansspelbelasting, assurantiebelasting en verhuurderheffing. En ook voor milieubelastingen, te weten energiebelasting, opslag duurzame energie, kolenbelasting, afvalstoffenbelasting en belasting op leidingwater. Ook voor accijns op minerale oliën, alcohol en tabak en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken en alle vergelijkbare belastingen in Caribisch Nederland is uitstel mogelijk. Lees hier verder

(29-04-2020) Verdere uitbreiding en versoepeling regelingen voor ondernemers

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) vult de financiële ondersteuning voor ondernemers vanwege het coronavirus verder aan én vereenvoudigt de voorwaarden van regelingen. Daardoor worden tienduizenden extra ondernemers geholpen. De criteria voor de regelingen Borgstelling Midden- en Kleinbedrijf (BMKB) en Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19 (TOGS) zijn versoepeld.

Staatssecretaris Mona Keijzer (EZK): “Passende regelingen voor ondernemers vergen normaal maanden of jaren. Maar veel bedrijven hebben nú acute problemen: corona dwingt ons daarom om soms binnen een dag te handelen. Deze economische crisismaatregelen staan dus niet stil. Het kabinet werkt op dit moment aan aanvullende steunplannen bovenop het huidige noodpakket banen en economie en de aankondigingen van vandaag. Ik spreek daar ook deze week over met een grote sector als de horeca, maar ook met kleinere sectoren die hard zijn getroffen zoals de kermisbranche.”

Langere looptijd en lagere drempel coronaregeling BMKB 
Extra krediet helpt ondernemers aan liquiditeit om overeind te blijven in zwaar weer. Daarom wordt financiering voor ondernemers via de speciale coronaregeling van de Borgstelling Midden- en Kleinbedrijf (BMKB) opnieuw versoepeld.
De looptijd van een krediet wordt verlengd tot vier jaar, zodat ondernemers meer tijd hebben om deze terug te betalen. De toegang tot de BMKB wordt laagdrempeliger: er kan behalve via een uitgebreide liquiditeitsprognose ook worden gekeken via een omzettoets. Begin april werd door het ministerie van EZK de premie van de regeling al verlaagd (van 3,9 naar 2 procent) en het garantiebudget verhoogd (van 765 miljoen naar 1,5 miljard euro).

Ondernemers kunnen vanaf 29 april 2020 ook op basis van hun in het Handelsregister geregistreerde nevenactiviteit aanspraak maken op de regelingTegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19 (TOGS). Het kabinet heeft meer dan kwart van het Nederlandse bedrijfsleven een belastingvrije gift van 4.000 euro gegeven, omdat ze naast de economische gevolgen van het coronavirus ook direct zijn geraakt door kabinetsmaatregelen.

De uitbreiding betreft ondernemers die geen aanspraak kunnen maken op de TOGS-regeling met hun geregistreerde hoofdactiviteit, terwijl dit wel het geval zou zijn op basis van hun geregistreerde nevenactiviteit. Na analyse van de meldingen vanuit ondernemers bij RVO hierover blijkt dat deze geregistreerde nevenactiviteit soms beter aansluit op de daadwerkelijke bedrijfsactiviteiten. Een vereiste is wel dat de ondernemer uitsluitend op basis van de geregistreerde nevenactiviteit voldoet aan de minimumvereisten qua omzetverlies en de vaste lasten (beiden 4.000 euro). De regeling is te vinden via rvo.nl/togs.

(29-04-2020) Vaststellen van het inkomen

Er zijn veel vragen over het inschatten van het inkomen in de betreffende maanden. Naar aanleiding van een motie heeft SZW bepaald aan welke periode inkomsten moeten worden toegerekend. Het recht op en de hoogte van de uitkering wordt per maand vastgesteld. Dat betekent dat de inkomsten moeten worden toegerekend aan de juiste periode. Inkomen dat een betrokkene in april ontvangt voor werkzaamheden in de maand maart, moet worden toegerekend aan de periode dat hij gewerkt heeft (de maand maart) en niet als inkomen over april. Dit betekent:

  • Is het werk gedaan in de maand maart, dan worden de inkomsten die daarvoor zijn gekregen toegerekend aan de maand maart. Ook als de ondernemer dit in een andere maand ontvangt.
  • Zijn producten verkocht in de maand maart, dan zijn betalingen daarvoor toe te rekenen aan de maand maart. Ook als ze in een andere maand zijn betaald.

Verder geldt om de netto inkomsten uit onderneming te berekenen, moet eerst de winst worden berekend. De winst wordt berekend door lle omzet uit de onderneming te verminderen met de zakelijke kosten. Er mag rekening worden gehouden met gebruikelijke afschrijvingen. Aflossingen op leningen zijn geen zakelijke lasten. Natuurlijk moet aan het eind van het jaar ook nog belastingen worden betaald. Verminder daarom het bedrag van de winst nog met 18%. Dit is een gemiddeld percentage, rekening houdend met belastingtarieven en aftrekposten voor ondernemers.

Er hoeft geen rekening te worden gehouden met toeslagen, maar wel met inkomsten uit loon dan wel uitkering en ook met partneralimentatie. Er moet een zo goed mogelijke benadering worden gegeven van het inkomen. Mocht na een maand blijken dat de inkomsten lager dan wel hoger waren, moet dat worden doorgegeven aan de gemeente. Er bestaat een inlichtingenplicht en dat betekent dat veranderingen in inkomen en situatie moet worden doorgeven aan de gemeente.

(29-04-2020) TOZO in werking en uitgebreid

Nu de Koning zijn handtekening onder het besluit TOZO heeft gezet is de Tozo in werking en kunnen gemeenten aanvragen formeel afhandelen. Daarnaast is de Tozo ook uitgebreid op de volgende punten:

  • Er kan ook een aanvraag worden gedaan voor de periode na mei (t/m augustus). De aanvraag kan voor maximaal 3 aaneengesloten maanden worden gedaan en deze moet uiterlijk 31 mei ingediend zijn. Er mag ook een aanvraag worden gedaan voor 1 maand of 2 aaneengesloten maanden.
  • De Tozo is nu ook opengesteld voor grenswerkers. Voorheen konden zij geen enkele aanspraak maken op de regeling, nu onder voorwaarden wel.
  • Ook AOW-gerechtigde ondernemers kunnen nu een aanvraag doen voor een bedrijfskrediet binnen de Tozo. Zij kunnen geen aanspraak maken op de gift.

Voor de groepen die worden toegevoegd aan de Tozo-regeling geldt dat zij hun aanvraag kunnen doen zodra de ministeriële regeling die de uitbreiding regelt van kracht is. Deze is naar verwachting eind april gereed en zal kort daarna in werking treden.

(25-04-2020) ‘Fiscaal pakket van Vijlbrief belangrijke steun in de rug voor ondernemers’

Staatssecretaris Vijlbrief heeft op 24 april een fiscaal pakket gepresenteerd om ondernemers verder te ondersteunen. ‘Vijlbrief laat hiermee zien dat hij goed oog heeft voor de liquiditeitsproblemen van bedrijven in deze crisis en bereid is waar nodig aanvullende maatregelen te nemen’, vinden de ondernemingsorganisaties MKB-Nederland en VNO-NCW. ‘Niettemin zouden de voorgestelde maatregelen effectiever kunnen om nog meer broodnodige cash in de bedrijven te houden.’

Fiscale coronareserve
Een belangrijke liquiditeitsmaatregel in het pakket is de fiscale coronareserve. Ondernemers die vennootschapsbelasting betalen, kunnen hiermee hun verwachte verliezen over 2020 ten laste brengen van de winst in 2019. De teveel betaalde belasting krijgen ze dan al dit jaar terug en niet pas in 2021. Daarvan hebben naar verwachting circa 125.000 bedrijven profijt. VNO-NCW en MKB-Nederland juichen de maatregel toe. Die zou echter nog effectiever zijn als die wordt gecombineerd met verruiming van verliesverrekeningsmogelijkheden over 2019 en 2020.

Urencriterium
De ondernemingsorganisaties zijn ook tevreden met de versoepeling van de gebruikelijk loon-regeling voor dga’s, waardoor zij een lager gebruikelijk loon in aanmerking kunnen nemen in verhouding tot de omzetdaling van hun bedrijf. Een belangrijke maatregel voor zelfstandigen is de versoepeling van het urencriterium voor toepassing van de zelfstandigenaftrek en andere ondernemersfaciliteiten. Hierdoor raken ondernemers deze fiscale faciliteiten niet kwijt als ze als gevolg van de crisis niet aan de norm van 1225 uur (24 uur per week) kunnen voldoen. Belangrijk element is dat de staatssecretaris regelt dat ook ondernemers die sterk seizoenafhankelijk werken, zoals in de horeca of festivalbranche, onder de versoepeling vallen.

Uitzondering bestaande gevallen
De ondernemingsorganisaties steunen verder het besluit om de Wet excessief lenen met een jaar uit te stellen (2023 i.p.v. 2022), maar dringen aan op eerbiedigende werking voor bestaande gevallen. ‘Uitstel van de wet is prima, maar niet direct effectief voor verbetering van de liquiditeit in bedrijven.’ VNO-NCW en MKB-Nederland hebben van meet af aan bezwaar gemaakt tegen het feit dat de Wet op excessief lenen ook geldt voor bestaande leningen. ‘Het is raar dat lenen bij de vennootschap met deze wet van de een op de andere dag als ‘excessief’ wordt gezien. Dat dwingt ondernemers om voor de inwerkingtreding van de wet geld te onttrekken aan hun bedrijfsvoering’.

Werkkostenregeling
Vijlbrief verruimt verder de werkkostenregeling voor relatief kleine werkgevers. Voor werkgevers met een loonsom tot 400.000 euro gaat de vrije ruimte van 1,7 naar 3 procent. De maatregel kan op korte termijn een impuls geven aan getroffen sectoren doordat werkgevers meer ruimte krijgen om hun personeel bijvoorbeeld een bosje bloemen of cadeaubon te geven. Wanneer het straks weer mogelijk is om personeelsuitjes en recepties te organiseren, zullen ook de horeca- en evenementenbranche van deze maatregel kunnen profiteren, aldus de ondernemingsorganisaties.

(22-04-2020) Verruiming concernbepaling NOW onder voorwaarden

Om de werkgelegenheid te beschermen wijzigt minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de concernbepaling in de tijdelijke loontegemoetskomingsregeling NOW. Werkmaatschappijen die door de Coronacrisis meer dan twintig procent omzetverlies hebben maar behoren tot een concern dat niet aan die voorwaarde voldoet, mogen toch de NOW aanvragen. Hiervoor gelden wel extra voorwaarden. Zo moeten deze concerns afspraken maken met vakbonden over werkbehoud en over 2020 afzien van het uitkeren van dividend of bonussen.

Een van de zorgpunten in de NOW was de zogenaamde concernbepaling. Bij sommige concerns zijn sommige werkmaatschappijen geheel of gedeeltelijk stilgevallen door de Coronacrisis terwijl andere werkmaatschappijen binnen het concern voldoende omzet draaien of zelfs nog winst maken. Het concern als geheel voldoet dan niet aan het criterium van de twintig procent omzetverlies. Werkgevers- en werknemersorganisaties waarschuwden recent dat het grotendeels stilvallen van werkmaatschappijen niet altijd binnen een concern oplosbaar is en dat er dan banen verloren zullen gaan. De Tweede Kamer heeft minister Koolmees daarom gevraagd te kijken naar een versoepeling op dit punt. (Zie nieuwsbericht d.d. 17 april jl)

Aan zo’n versoepeling kleven risico’s, zo kunnen grote bedrijven strategisch gedrag vertonen en schuiven met kosten en omzet. Minister Koolmees is daarom weliswaar bereid deze bepaling te verruimen met het oog op het baanbehoud, maar wel onder extra voorwaarden. Concerns waarvan een werkmaatschappij een beroep doet op de regeling moeten verklaren dat ze over 2020 geen dividend uitkeren, bonussen uitkeren of eigen aandelen inkopen. Daarnaast is een akkoord nodig met de vakbond over werkbehoud. Of bij werkmaatschappijen met minder dan twintig werknemers een vertegenwoordiging van werknemers. Ook komen er extra eisen die door de accountant worden getoetst. Deze verruiming wijzigt de hoofdwerking van de NOW niet. De NOW blijft ook voor deze werkmaatschappijen gebaseerd op het omzetverlies ten opzichte van de omzet in 2019 en de loonsom van januari 2020 of november 2019.

In de brief aan de Tweede Kamer waarin de minister deze wijziging toelicht, komt hij ook terug op andere signalen en toezeggingen aan de kamer. Zo wordt er onderzocht of er een extra vangnet kan komen voor flexwerkers die tussen de wal en het schip vallen en kijkt het kabinet naar seizoenswerk. Hier verwacht minister Koolmees de Tweede Kamer op korte termijn over te berichten.

De kamerbrief vindt u hier

(22-04-2020) Overzicht aangepaste maatregelen n.a.v. persconferentie 21 april

Het kabinet heeft besloten de meeste maatregelen te verlengen tot en met 19 mei; in de week vóór 19 mei beoordeelt het kabinet wat er voor de periode daarna nodig is. Hieronder een overzicht van wat er wijzigt plus de ingangsdatum. De praktische invulling van onderstaande wijzigingen krijgt de komende tijd verder vorm in samenspraak met betrokkenen.

Onderwijs en kinderopvang

Scholen in het basisonderwijs, inclusief het speciaal (basis)onderwijs, en de kinderopvang openen op 11 mei hun deuren.

  • Basisscholen in het primair onderwijs halveren de groepsgrootte in de klas; kinderen gaan daarbij ongeveer 50% van de tijd naar school. De andere helft van de tijd volgen zij onderwijs op afstand.
  • De praktische invulling van dit principe ligt de komende tijd bij de scholen. Zij gaan dit verder uit te werken; daarbij kunnen verschillen tussen scholen ontstaan. Scholen informeren ouders over wat dit voor het onderwijs van hun kinderen precies betekent.
  • Het speciaal onderwijs in de basisschoolleeftijd gaat 100% open.
  • Ouders wordt opgeroepen kinderen zoveel mogelijk lopend of op de fiets naar school of opvang te brengen om zo het openbaar vervoer te ontlasten.
  • Scholen, kinderopvang en gemeenten spannen zich in om noodopvang zoveel mogelijk via reguliere wijze te organiseren; de organisatie van noodopvang (24/7) buiten reguliere tijden wordt nog nader gewerkt.
  • Scholen in het voortgezet onderwijs kunnen voorbereidingen treffen zodat leerlingen in het voortgezet onderwijs vanaf dinsdag 2 juni weer (deels) naar school kunnen.

Sport

  • Kinderen en jongeren krijgen vanaf 29 april meer ruimte voor georganiseerde buitensport en -spel (geen officiële wedstrijden).
  • Kinderen tot en met 12 jaar kunnen onder begeleiding samen buiten sporten.
  • Jongeren van 13 tot en met 18 jaar mogen onder begeleiding buiten sporten met elkaar, maar dan met 1,5 meter afstand ertussen.
  • Gemeenten maken hierover afspraken met sportverenigingen en buurtsportcoaches; er kunnen daardoor verschillen tussen gemeenten ontstaan.
  • Topsporters kunnen op aangewezen trainingslocaties individueel de training hervatten als zij 1,5 meter afstand in acht nemen.

Zelfstandig wonende ouderen

Het advies om niet op bezoek te gaan bij 70-plussers wordt aangepast. Vanaf 29 april geldt: zelfstandig wonende ouderen van 70 jaar en ouder kunnen door één of twee vaste personen met enige regelmaat worden bezocht.

Evenementen en cultuur

Evenementen vormen helaas een risico op te snelle en te brede verspreiding van het virus. Het huidige verbod op evenementen met vergunnings- en meldplicht wordt verlengd tot 1 september. Met iedere stap die we in dit proces zetten, zullen sommige mensen opgelucht zijn, anderen juist teleurgesteld of bezorgd. Toch is dit de intelligente weg vooruit naar een gezonde samenleving, waarin mensen zich veilig voelen, kunnen ondernemen, onderwijs volgen en zich weer zo vrij mogelijk kunnen bewegen. Daarbij gebruiken we de kansrijke plannen die bedrijven en organisaties maken voor de anderhalvemetersamenleving.

De impact op de samenleving en de sociaaleconomische gevolgen van de crisis zijn enorm. De overheid kan dankzij haar goede financiële positie eerste hulp bieden aan ondernemingen, zelfstandigen en getroffen sectoren. Maar we kunnen niet voorkomen dat veel mensen in meer of mindere mate geraakt worden. Gelukkig zien we dat overal in de samenleving mensen, bedrijven en organisaties opstaan om elkaar te helpen.

(21-04-2020) Spoedwet ALV goedgekeurd door de Eerste Kamer

De wet van de ministers Dekker (voor Rechtsbescherming) en Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en van staatssecretaris Broekers-Knol (Justitie en Veiligheid) met nieuwe tijdelijke voorzieningen die nodig zijn vanwege de coronacrisis, is vandaag door de Eerste Kamer aanvaard. De wet treedt zo snel mogelijk in werking, waarschijnlijk al deze week.

De spoedwet vervalt op 1 september 2020. Omdat niet valt uit te sluiten dat de noodzaak voor de tijdelijke voorzieningen ook na deze datum nog blijft bestaan, is een mogelijkheid opgenomen om deze termijn telkens met twee maanden te verlengen. Voor enkele onderdelen geldt terugwerkende kracht tot en met 16 maart 2020.

Op verschillende terreinen kunnen tijdelijk elektronische middelen worden gebruikt, waar nu nog fysieke overleg- en besluitvormingsprocedures zijn voorgeschreven. Dan gaat het bijvoorbeeld om beursvennootschappen en verenigingen die jaarlijks een algemene vergadering moeten houden. Door het coronavirus is het fysiek bijeenkomen onwenselijk.

Het bestuur van rechtspersonen kan straks bepalen om een algemene vergadering te houden die uitsluitend via livestream (audio of video) te volgen is. Ook kan het bestuur de termijn voor het houden van een algemene vergadering en de termijn voor het opmaken van de jaarrekening uitstellen.

De rechtspraak kan in meer gevallen elektronische communicatiemiddelen inzetten. Er wordt al gebruik gemaakt van videoverbindingen tijdens een mondelinge behandeling. Dit kan vaker worden toegepast zodat bijvoorbeeld een advocaat of een procespartij niet fysiek hoeft te verschijnen omdat met beeldbellen kan worden volstaan.

De aanpassingen gelden ook voor mensen die vanwege de corona-maatregelen niet in persoon bij de notaris kunnen verschijnen om een akte te ondertekenen, zoals een testament. Met behulp van audiovisuele communicatiemiddelen kan deze akte dan toch tot stand komen.

Verder wordt het mogelijk naast of in plaats van bloed, ook speeksel of slijm af te nemen van een verdachte, als het vermoeden bestaat dat deze drager is van een ernstige besmettelijke ziekte. Dit betekent dat verdachten kunnen worden getest op het corona-virus.

(17-04-2020) Tijdelijke versoepeling beleid vaste reiskostenvergoeding

Het ministerie van Financiën heeft in een besluit van 14 april 2020 een versoepeling aangebracht met betrekking tot de betaling van de vaste reiskostenvergoeding. Als een werkgever een vaste reiskostenvergoeding aan werknemers betaalt, die vanwege de coronacrisis (bijna) volledig thuiswerken, dan mag hij deze vergoeding onbelast blijven betalen zolang de crisismaatregelen gelden. Gedurende die periode mag de werkgever uitgaan van het reispatroon waarop de vergoeding gebaseerd is. Dat mag ook als u een nacalculatie voor de vaste reiskostenvergoeding doet.

De crisismaatregelen gelden tot en met 28 april 2020. In de week van 20 april maakt het kabinet bekend of de crisismaatregelen worden verlengd, en zo ja, in welke vorm. Als de huidige maatregelen, met name het zoveel mogelijk thuiswerken, worden verlengd, dan mag u ook na 28 april de vaste reiskostenvergoeding blijven betalen uitgaande van het reispatroon waarop deze vergoeding is gebaseerd.

(14-04-2020) Overleg NOW Tweede Kamer

Vandaag was er in Tweede Kamer een overleg met VNO-NCW en MKB Nederland met minister Koolmees over o.a. de NOW-regeling met betrekking tot de problemen die onder meer seizoenbedrijven en werkmaatschappijen ondervinden bij het aanvragen de NOW.

De minister heeft in het overleg toegezegd dat hij gaat zoeken naar oplossingen voor de problematiek rond de werkmaatschappijen. Nu kan het gebeuren dat werkmaatschappijen niet in aanmerking komen voor de NOW (die tot 90% van de loonkosten kan vergoeden), omdat de omzetdaling van het concern als totaal niet groter is dan 20%, terwijl de betreffende werkmaatschappij vrijwel stilligt of met veel omzetverlies te maken heeft. Juist bij grotere (mkb) bedrijven kunnen zo onbedoeld toch banen op de tocht komen te staan of vestigingen gedwongen moeten sluiten. Dit speelt onder meer bij bedrijven in de bouw, de maakindustrie, de schoonmaak, de installatiebranche en bij garagebedrijven.

Voor seizoenbedrijven zegde de minister vanmiddag toe op zoek te gaan naar oplossingen buiten de NOW om. De loonkostenvergoeding uit de NOW wordt nu berekend op basis van de loonsom in januari en de omzet over het hele vorige jaar. Juist seizoenbedrijven in de horeca- of agrosector hebben in januari weinig of geen mensen in dienst en komen door die gemiddelde omzet in de knoei.

Ook gaat de minister, zoals gevraagd door de Stichting van de Arbeid, kijken naar oplossingen voor flexkrachten die buiten allerlei regelingen dreigen te vallen.
Na signalen vanuit verschillende sectoren en bedrijven heeft de Stichting van de Arbeid vanochtend per brief een dringend beroep gedaan op de minister om de NOW beter toegankelijk te maken voor werknemers met een tijdelijk contract, een oproepcontract of een uitzendovereenkomst. Volgens de stichting zal er voor flexibele werknemers die onverhoopt toch hun baan verliezen, een ‘Corona-vangnet’ moeten komen dat een uitkering van 90% van het loon verstrekt, zodat hun inkomen behouden blijft. Ook heeft de Stichting van de Arbeid in de brief aandacht gevraagd voor problemen met verzuim en verlofkosten, de vakantie-uitkering en de doorbetaling indien de overheid de opdrachtgever is.

(09-04-2020) Extra ondersteuning voor getroffen lokale en regionale media

Minister Slob trekt eenmalig 11 miljoen euro uit om huis-aan-huiskranten en lokale publieke omroepen te helpen die door de coronacrisis in nood zijn geraakt. Om te voorkomen dat veel mensen hierdoor in deze tijd verstoken blijven van informatie uit hun omgeving, ontvangen zij afhankelijk van hun oplage en bereik een bijdrage tussen de 4000 en enkele tienduizenden euro’s uit een tijdelijk steunfonds.

“Zeker in deze tijd is het belangrijk dat mensen weten wat er in hun nabije omgeving speelt. Lokale media zijn hiervoor cruciaal en moeten daarom goed kunnen functioneren. Daarom help ik waar de nood het hoogst is”, aldus minister Slob. Lees hier het gehele artikel.

(09-04-2020) Witte vlekken in noodpakket zijn verder ingevuld door overheid

Het kabinet zette gisteren weer een aantal stappen om ondernemers door de corona-crisis te helpen met liquiditeitssteun. De maatregelen helpen met name voor toeleveranciers, grotere mkb-bedrijven en jonge snelgroeiende bedrijven. Lees verder

(09-04-2020) Dossier Corona & financiering (TOGS, BMKB, GO) geüpdatet

Gisteravond maakte het kabinet in een Kamerbrief een aantal uitbreidingen op het noodpakket bekend. Voor de laatste informatie raadpleeg het dossier.

(06-04-2020) Spoedwet om AVA en ledenvergadering via elektronische middelen mogelijk te maken

De ministerraad heeft vorige week ingestemd met een wetsvoorstel van de ministers Dekker en Grapperhaus van Justitie en Veiligheid. Deze wet moet het mogelijk maken dat de algemene vergaderingen van aandeelhouders (ava) van beursgenoteerde bedrijven toch kunnen toch doorgaan ondanks het verbod op bijeenkomsten. Dat kan dan via elektronische middelen, iets wat op dit moment niet in alle gevallen is toegestaan. Het wetsvoorstel wordt nu eerst voor advies aan de Raad van State gezonden.

Niet alleen beursvennootschappen maar ook verenigingen en stichtingen die jaarlijks een algemene vergadering moeten houden, vaak voor 1 juli, zijn hiermee geholpen. Het bestuur kan straks bepalen om een algemene vergadering te houden die uitsluitend via livestream (audio of video) te volgen is. Voorwaarde is wel dat de leden en aandeelhouders tijdens die vergadering of van tevoren vragen kunnen indienen, die uiterlijk op de vergadering zelf worden beantwoord. Mocht een lid of aandeelhouder niet optimaal hebben kunnen deelnemen aan zo’n vergadering, dan zijn de genomen besluiten toch rechtsgeldig.

De wet maakt het ook mogelijk voor bestuurders om de ava en het opmaken van de jaarrekening uit te stellen. Het is nog niet bekend hoelang de nieuwe wet zal gelden en wanneer de regeling ingaat.

(01-04-2020) NOW-regeling klaar, UWV verwacht 6 april het loket te openen

Het kabinet wil tijdens de coronacrisis banen en inkomens van mensen beschermen. Daarom is op 17 maart een economisch noodpakket aangekondigd. Eén van de maatregelen is een tegemoetkoming in de loonkosten voor bedrijven die nu omzetverlies lijden. De voorwaarden van deze Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW) zijn vandaag bekend gemaakt. UWV streeft ernaar dat bedrijven vanaf 6 april een aanvraag kunnen indienen. Bedrijven die aan de voorwaarden voldoen, kunnen binnen twee tot vier weken een voorschot verwachten.

Veel ondernemers hebben het zwaar nu hun bedrijvigheid deels of helemaal is stilgevallen. Het kabinet wil het mogelijk maken dat ze hun personeel kunnen doorbetalen tijdens deze periode zodat werkeloosheid wordt voorkomen en mensen behouden blijven voor het bedrijf. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid publiceert daarom vandaag de regeling NOW. Bedrijven die gedurende drie maanden ten minste 20 procent omzetverlies hebben, kunnen hiermee vanaf 1 maart een tegemoetkoming van maximaal 90 procent van de loonsom krijgen naar rato van de omzetdaling. Bij een omzetverlies van 100 procent is dat 90 procent, bij bijvoorbeeld 50 procent omzetverlies wordt dat dan 45 procent van de totale loonsom. Voorwaarde is dat ze hun medewerkers hun reguliere salaris blijven doorbetalen en dat bedrijven tijdens de periode dat er subsidie wordt ontvangen geen aanvraag doen voor ontslag om bedrijfseconomische redenen. Klik hier voor het document ‘Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid’ en hier voor de brief van de Minister aan de Voorzitter van de Tweede Kamer inzake de ‘Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid.

(31-03-2020) Noodmaatregelen

De afgelopen twee weken heeft VNO-NCW /MKB-Nederland zich hard gemaakt om samen met de ministeries een aantal noodmaatregelen uit te werken. Vrijdag 27 maart jl. zijn een paar daarvan bekend gemaakt. Het gaat dan met name om de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren (Togs). Vanaf vandaag zijn de gemeenten geopend om de aanvragen voor de Tozo in behandeling te nemen en er worden sinds vrijdag al aanvragen voor de Togs ingediend.  De kamerbrieven van afgelopen vrijdag over de Tozo en de Togs zijn bijgesloten. Lees hier verder over de tegemoetkoming aan de ondernemers. Meer informatie over de uitwerking tijdelijke overbruggingsregeling vindt u hier

(31-03-2020) NOW-regeling klaar, loketten bijna open

Het kabinet wil tijdens de coronacrisis banen en inkomens van mensen beschermen. Daarom is op 17 maart een economisch noodpakket aangekondigd. Eén van de maatregelen is een tegemoetkoming in de loonkosten voor bedrijven die nu omzetverlies lijden. Klik hier voor het volledige bericht.

(31 maart 2020) Nieuwe corona-dossiers

VNO-NCW en MKB Nederland hebben nieuwe dossiers ingericht, o.a. over Corona & uitstel belastingen. 

Iedere ondernemer die door de coronacrisis in financiële problemen is gekomen, komt in aanmerking voor uitstel van betaling van zijn belastingschuld. Hoe dit werkt, leest u in dit dossier. Ook over de gevolgen van uitstel voor de verklaring betalingsgedrag. En let bij uitstel op bestuurdersaansprakelijkheid. Overigens blijft tijdig aangifte doen van essentieel belang.

Corana & Werk en inkomen (NOW en TOZO)

Hoe zorgen we ervoor dat werkgevers die met een grote terugval in omzet worden geconfronteerd door de coronacrisis nog in staat zijn om de lonen van hun werknemers door te betalen en op die manier de werkgelegenheid en het inkomen van mensen in stand houden? En hoe zorgen we ervoor dat zelfstandigen zonder personeel die hun opdrachten zien verdampen ook iets hebben om op terug te vallen? Daarvoor roept het kabinet twee nieuwe regelingen in het leven: de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW) en de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO). Lees hier verder

Corona & Financiering (TOGS, BMKB, Qredits, GO-regeling)

De coronacrisis leidt voor veel bedrijven tot liquiditeitsproblemen. In dit dossier vindt u alle maatregelen die tot nu toe zijn genomen om ondernemers te helpen het hoofd boven water te houden. Zoals de versoepeling van de regels voor de Borgstelling MKB-kredieten. Maar ook de eenmalige tegemoetkoming van 4.000 euro voor getroffen ondernemers in bepaalde sectoren. Verder uitbreiding is hier echter gewenst.

Corona & Regels en Veiligheid

De consequenties van overheidsmaatregelen als social distancing en verantwoord winkelen zijn groot. In dit dossier onder meer alle noodverordeningen die door de veiligheidsregio’s zijn afgekondigd. Want niet overal gelden dezelfde regels.

(28-03-2020) Stand van zaken noodpakket en economie Rijksoverheid

Voor een schematisch overzicht van de verschillende maatregelen die het kabinet in het kader van het noodpakket banen en economie heeft genomen, klikt u hier

(27-03-2020) Tijdelijke noodregeling voor zelfstandige ondernemers snel van start

Het kabinet wil in de coronacrisis banen en inkomens van mensen beschermen. Daarom is een economisch noodpakket aangekondigd. Eén van de maatregelen is de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (Tozo). Deze regeling ondersteunt zelfstandige ondernemers, onder wie zzp’ers, met inkomensondersteuning en bedrijfskrediet, zodat zij een betere kans hebben om hun bedrijf voort te zetten. De voorwaarden om in aanmerking te komen voor de regeling zijn vandaag bekend gemaakt. De regeling wordt uitgevoerd door gemeenten en geldt vooralsnog tot 1 juni. Lees hier verder.

(26-03-2020) Kabinetsplannen

Het kabinet heeft gisteravond een omvangrijk pakket aan steunmaatregelen bekend gemaakt. Bijgaand de brief met maatregelen. In de bijlagen bij dit bericht is de brief met de bijlagen te vinden en is ter informatie ook de eerste reactie vanuit VNO-NCW en MKB-Nederland opgenomen. Lees hier het volledige bericht

(26-03-2020) NOW vervangt WTV: informatie voor werkgevers

De tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW) vervangt Werktijdverkorting (WTV) per onmiddellijk. Lees hier het volledige bericht